Update
Beste lezers,
Welkom bij Pensioenrecht Updates, jaargang 7, editie 1. Daarin vindt u een overzicht van 24 in januari 2024 gepubliceerde uitspraken over pensioen. U kunt hier klikken om de pdf vanaf de website te downloaden.
Pensioenrechtspraak voor u geselecteerd
In de Pensioenrecht Updates vindt u een selectie van de belangrijkste rechtspraak over de arbeidsvoorwaarde pensioen. Op die manier bent u altijd op de hoogte van relevante rechtspraak over pensioen.
Uitspraken van de maand
Booking.com valt met terugwerkende kracht onder werkingssfeer Bpf Reisbranche, PR 2024-0022
De Hoge Raad oordeelde in 2021 dat Booking.com een online reisagent was zoals bedoeld in het verplichtstellingsbesluit van Bpf reisbranche (ECLI:NL:HR:2021:527). Na terugverwijzing oordeelt het Hof Amsterdam dat dit kern en zwaartepunt van de activiteiten van Booking.com vormt, zodat voldaan is aan het hoofdzakelijkheidscriterium. Er is geen sprake van rechtsverwerking. De stellingen dat er onvoldoende representativiteit zou zijn, brengen niet mee dat de verplichtstelling buiten toepassing zou moeten blijven. Het hof verklaart voor recht dat Booking.com verplicht is deel te nemen aan PGB en bepaalt dat de verplichtstelling gold met ingang van 1 januari 1999 voor deelname aan Bpf Reisbranche en sinds 1 januari 2021 voor deelname aan PGB (ECLI:NL:GHDHA:2024:73).
Veganistische gehaktbal is gehaktbal: vleeswarenpensioenfonds van toepassing, PR 2024-0023
Is een vegetarische gehaktbal een gehaktbal? Deze zaak ging samengevat over de vraag of een werkgever die veganistische producten maakt zoals veganistische gehaktballen, onder de werkingssfeerbepaling viel van het bedrijfstakpensioenfonds in de vleeswarenindustrie VLEP. Anders dan de kantonrechter komt het hof tot het oordeel dat veganistische producten naar huidig Nederlands taalgebruik beschouwd worden als gehaktballetjes, frikandellen en hamburgers, en daarmee als gemaksvoeding, zoals genoemd in het Verplichtstellingsbesluit. Er was geen rechtsverwerking door een eerdere brief van VLEP dat werkgever niet onder VLEP viel (ECLI:NL:GHDHA:2023:1185).
Streefregeling geen eindloon: werkgever is na premievrijmaking toezegging nagekomen door aanvullende stortingen, PR 2024-0027
Kern van dit geschil was de vraag of de werkgever de pensioentoezegging van een (voormalig) werkneemster is nagekomen. Het hof oordeelt dat de pensioenbrief geen eindloonregeling is maar een streefregeling. De werkgever is de pensioentoezegging nagekomen. Na de premievrijmaking in 2013 is dat gebeurd door de werkneemster op te nemen in de collectieve beschikbarepremieregeling en aanvullende koopsommen te storten (ECLI:NL:GHARL:2024:608).
Discriminatie naar geslacht van korting nabestaandenpensioen wegens groot leeftijdsverschil niet van toepassing wegens overgangsrecht?, PR 2024-0032
Geschil over de vraag of de korting van het nabestaandenpensioen wegens een groot leeftijdsverschil verboden onderscheid naar geslacht oplevert. De commissie van beroep van PFZW oordeelde in een bindend advies van niet. De kortingsregeling levert in beginsel indirect onderscheid wegens geslacht op. De kantonrechter oordeelt dat eiseres geen rechten kan ontlenen aan de wettelijke gelijkebehandelingsvoorschriften omdat de opbouw van het weduwenpensioen heeft plaatsgevonden vóór 17 mei 1990. Het Barber-arrest en het Ten-Oever-arrest hebben geleid tot Richtlijn 96/97/EG en tot nader bepaald overgangsrecht met betrekking tot de Wet gelijke behandeling. Hieruit volgt dat de Europese regelgeving over gelijke beloning niet van toepassing is op pensioenuitkeringen die zijn opgebouwd in verband met arbeid die is verricht vóór 17 mei 1990, omdat die pensioenen niet als beloning in de zin van de Europese regelgeving ter zake gelijke behandeling worden beschouwd (ECLI:NL:RBGEL:2023:7045).
Uitspraken, vragen of opmerkingen zijn welkom
De redactie ontvangt graag niet op rechtspraak.nl gepubliceerde uitspraken en vragen of opmerkingen over deze nieuwsbrief. U kunt mailen naar pr-updates@budh.nl.
Tot de volgende update.
Mark Heemskerk
Hoogleraar pensioenrecht Radboud Universiteit Nijmegen
Advocaat-partner held (www.heldlaw.nl)
Raadsheer-plaatsvervanger Hof Den Bosch
e-mail: mark@heldlaw.nl / m.heemskerk@jur.ru.nl
Hof
- Gerechtshof Den Haag Geschil over de vraag of Booking.com onder de werkingssfeerbepaling van Bpf Reisbranche (althans de rechtsopvolger PGB) valt. De Hoge Raad oordeelde dat Booking.com een online reisagent was zoals bedoeld in het verplichtstellingsbesluit (ECLI:NL:HR:2021:527, PR 2021-0078). Na terugverwijzing oordeelt het Hof Amsterdam dat dit kern en zwaartepunt van de activiteiten van Booking.com vormt, zodat voldaan is aan het hoofdzakelijkheidscriterium. Er is geen sprake van rechtsverwerking. De stellingen dat er onvoldoende representativiteit zou zijn, brengen niet mee dat de verplichtstelling buiten toepassing zou moeten blijven. Het hof verklaart voor recht dat Booking.com verplicht is deel te nemen aan PGB en bepaalt dat de verplichtstelling gold met ingang van 1 januari 1999 voor deelname aan Bpf Reisbranche en sinds 1 januari 2021 voor deelname aan PGB. 30-01-2024
- Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden In deze zaak speelt de vraag vanaf welk moment de ex-echtgenote na een scheiding in 1988 recht heeft op uitkering van haar aanspraak op een deel van het ouderdomspensioen van de voormalige echtgenoot. Bij de rechtbank zijn partijen overeengekomen dat de man de helft van het tijdens het huwelijk bij het pensioenfonds opgebouwd pensioen van € 3.616,90 per jaar zal verrekenen. Hij is veroordeeld om dat met ingang van 1 januari 2020 te betalen. In hoger beroep wil de vrouw dat de betalingsverplichting ingaat op de pensioendatum. Het hof oordeelt dat de pensioenverevening ingaat op de datum waarop geïntimeerde met pensioen is gegaan. Bij het maken van afspraken bij de rechtbank is niet aan de orde geweest dat de betalingsverplichting op een later moment dan de pensioendatum zou ingaan. Appellante heeft hieruit naar het oordeel van het hof mogen begrijpen dat de afspraak (ook) ten aanzien van de ingangsdatum in overeenstemming was met de situatie zoals die zou zijn geweest als de pensioenaanspraak geen overgeslagen goed was geweest. 23-01-2024
- Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Voormalige cliënten (appellanten) vinden dat advocaat en/of accountant (geïntimeerden) zijn tekortgeschoten in hun zorgplicht, waardoor zij schade hebben geleden. Dat geldt onder meer voor pensioenadvies, dat volgens hen heeft geleid tot fiscale onzuiverheid. Zij vorderen dat het hof voor recht verklaart dat geïntimeerden ieder onrechtmatig hebben gehandeld (dan wel tekort zijn geschoten in hun zorgplicht) jegens elk van hen en de daardoor geleden en nog te lijden schade moeten vergoeden. Het hof oordeelt dat de vorderingen betreffende de pensioenkwestie zijn verjaard omdat meer dan vijf jaar is verstreken tussen aanvang verjaring (rapport pensioennext 23 mei 2014) en de stuitingsbrief van 31 oktober 2019. Ook ten aanzien van andere gemaakte verwijten concludeert het hof dat deze niet tot toewijzing van de vorderingen van appellanten kunnen leiden. 23-01-2024
- Gerechtshof 's-Hertogenbosch Persoon A was enig bestuurder van X. Holding B.V. In die hoedanigheid heeft hij in 2014 een echtscheidingsconvenant mede ondertekend, waarin verplichtingen tot pensioenuitkeringen van X. Holding B.V. aan geïntimeerde zijn vastgelegd. Deze pensioenverplichtingen zijn door X. Holding B.V. na 2017 niet meer nagekomen jegens geïntimeerde. Appellante is enig erfgenaam van persoon A. Zij is aansprakelijk gesteld vanwege onrechtmatig handelen door persoon A jegens geïntimeerde. Het hof oordeelt dat persoon A als bestuurder van X. Holding B.V. onrechtmatig jegens geïntimeerde heeft gehandeld en dat appellante als enig erfgenaam van persoon A aansprakelijk is jegens geïntimeerde voor de door haar dientengevolge geleden schade. 16-01-2024
- Gerechtshof 's-Hertogenbosch Geschil of werkgevers met ingang van 1 januari 2015, na afloop van de uitvoeringsovereenkomst 2010, nog jaarlijkse premie (in de zin van art. 1 Pensioenwet) verschuldigd zijn voor administratiekosten, rentegarantie, belegging en beheer en solvabiliteitsbeslag. Werkgevers verzoeken om een voorlopig getuigen- en deskundigenverhoor. Het hof concludeert dat er geen sprake is van een afwijzingsgrond. Het verzoek wordt toegewezen. 11-01-2024
- Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Op 22 november 2021 heeft SPF een dwangbevel aan appellante betekend met bevel tot betaling van € 22.365,95 aan achterstallige pensioenpremies met rente en kosten. Volgens appellante is het uitvaardigen van het dwangbevel in strijd met de redelijkheid en billijkheid, is het dwangbevel nietig en voldoen het dwangbevel en de voorafgaande aanmaning niet aan de wettelijke eisen. De rechtbank heeft het verzet tegen (de tenuitvoerlegging van) het dwangbevel gegrond verklaard – en het dwangbevel in zoverre vernietigd – voor zover het dwangbevel meer dan € 12.002,40 aan openstaande premies vermeldt. Dit is volgens de kantonrechter het gedeelte waarvoor appellante de benodigde (inkomens)gegevens heeft aangeleverd. Voor het overige heeft de kantonrechter het verzet van appellante ongegrond verklaard omdat zij die gegevens niet heeft aangeleverd. Het hof bekrachtigt het vonnis. De hoogte van de verschuldigde premies wordt bewust buiten het debat in hoger beroep gelaten. Aanmaning en dwangbevel voldoen aan de wettelijke eisen en uitvaardiging van het dwangbevel is niet onaanvaardbaar naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid. 09-01-2024
- Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden Kern van het geschil is de vraag of de werkgever de pensioentoezegging van een (voormalig) werkneemster is nagekomen. Het hof oordeelt dat de pensioenbrief geen eindloonregeling is maar een streefregeling. De werkgever is de pensioentoezegging nagekomen. Na de premievrijmaking in 2013 is dat gebeurd door de werkneemster op te nemen in de collectieve beschikbarepremieregeling en aanvullende koopsommen te storten. 09-01-2024
- Gerechtshof Den Haag Werkgever en werkneemster, thans ex-echtgenote van de DGA, hebben indertijd een arbeidsovereenkomst opgemaakt in verband met een letselschadeprocedure. Werkneemster vordert uit hoofde daarvan doorbetaling van loon tijdens het tweede ziektejaar. Het hof acht aannemelijk dat zij in een eerdere ziekteperiode ook in het tweede ziektejaar 100% loon kreeg doorbetaald bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid en erop mocht vertrouwen dat in een tweede ziekteperiode, conform de arbeidsovereenkomst, ook 100% tijdens het tweede ziektejaar zou worden betaald. Na getuigenverhoor is niet komen vast te staan dat partijen een pensioenvoorziening met terugwerkende kracht hebben afgesproken. Die vordering wordt afgewezen. 09-01-2024
- Gerechtshof Den Haag Echtscheiding tussen Roemeense man en vrouw die in 2013 in België zijn gehuwd en vanaf 2016 in Nederland wonen. De vrouw woont vanaf december 2019 in Duitsland met haar nieuwe partner. Het hof stelt de zorgregeling vast naar Nederlands recht, de partneralimentatie naar Duits recht en het huwelijksvermogensrecht naar Belgisch recht. Ter zitting bij het hof hebben partijen alsnog overeenstemming bereikt over de verdeling van hun pensioenen. Het hof bepaalt dat de man uiterlijk 30 dagen na de datum van deze beschikking een bedrag van € 26.000 aan de vrouw moet betalen uit hoofde van de verdeling van zijn pensioen, en dat het pensioen van de vrouw buiten de verdeling blijft. 20-12-2023
- Gerechtshof Den Haag Kern van het geschil is de vraag of een werkgever die veganistische producten maakt zoals veganistische gehaktballen onder de werkingssfeerbepaling valt van het bedrijfstakpensioenfonds in de vleeswarenindustrie. Anders dan de kantonrechter komt het hof tot het oordeel dat veganistische producten naar huidig Nederlands taalgebruik beschouwd worden als gehaktballetjes, frikandellen en hamburgers, en daarmee als gemaksvoeding zoals genoemd in het Verplichtstellingsbesluit. Geen rechtsverwerking door eerdere brief dat werkgever niet onder VLEP viel. 23-05-2023
Rechtbank
- Rechtbank Limburg Werkgever ontvangt facturen van onder meer Bpf Schoonmaak. Een aantal facturen wordt niet of te laat betaald. De kantonrechter stelt vast dat de hoogte van de facturen onvoldoende gemotiveerd zijn betwist en kent de vorderingen toe, inclusief rente en kosten. 24-01-2024
- Rechtbank Amsterdam Het geschil in deze zaak gaat tussen circa 250 vrachtvliegers en KLM en Vereniging Nederlandse Verkeersvliegers (VNV). De vrachtvliegers stellen dat op hen de KLM-cao en -pensioenregeling van toepassing zijn, zodat zij onder meer recht hebben op beloning conform deze cao. Daarnaast stellen de vrachtvliegers kort gezegd dat zij wat betreft senioriteit/anciënniteit hetzelfde behandeld moeten worden als KLM-vliegers. VNV heeft volgens de vrachtvliegers onrechtmatig jegens hen gehandeld door hen onvoldoende en onjuist te informeren over hun rechten en plichten, wat VNV schadeplichtig maakt jegens hen. Alle door de (250) voormalige Martinair vrachtvliegers ingestelde vorderingen zijn gebaseerd op het uitgangspunt dat zij door de overgang van onderneming per 1 januari 2014, waardoor zij bij KLM in dienst zijn gekomen, onder de KLM-cao en daarmee ook onder de pensioenregeling van KLM zijn komen te vallen. De vrachtvliegers hebben recht op de Martinair-cao die ten tijde van de overname van de activiteiten bij Martinair door KLM gold, maar niet op de gunstiger KLM-cao en -pensioenregeling. Ten tijde van de overgang gold de Martinair-pensioenregeling, zodat de vrachtvliegers daar recht op hebben en niet op de pensioenregeling van KLM. Alleen ten aanzien van hun eis om anciënniteit dan wel senioriteit te laten meetellen bij een eventuele komende reorganisatie geeft de kantonrechter de vrachtvliegers gelijk. 11-01-2024
- Rechtbank Noord-Holland Arbeidsrechtelijk geschil waarbij werkgeefster bedrijfsrecherche inschakelt. Kantonrechter ontbindt de arbeidsovereenkomst op verzoek van werkgeefster wegens verstoorde arbeidsverhouding. Het voorwaardelijk ontbindingsverzoek van werkneemster wordt eveneens toegewezen, voor het geval werkgeefster haar verzoek intrekt. In beide gevallen volgt toekenning van een transitievergoeding en een billijke vergoeding inclusief pensioenschade met veroordeling van werkgeefster in een gedeelte van de werkelijke proceskosten van werkneemster. 29-12-2023
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant Geschil over hoogte en verschuldigdheid premies aan sociale fondsen in de schoonmaaksector, waaronder het bedrijfstakpensioenfonds schoonmaak. Verkeerde eisende partijen zijn genoemd in de stukken. Op verzoek van eiseressen wordt tot rectificatie overgegaan. Vast staat dat de vof premies en bijdrages is verschuldigd over de periode dat zij personeel in dienst had. Hoogte van achterstallige premie is door eiseressen na rolbeslissing voldoende onderbouwd. De vof is € 1.568,33 aan premies en bijdragen verschuldigd aan de fondsen. De gecrediteerde bedragen over de periodes dat de vof geen personeel in dienst had, hadden de fondsen al in mindering gebracht op de hoofdsom. De wettelijke consumentenrente wordt toegewezen. 27-12-2023
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant Vordering tot betaling van premie aan bedrijfstak(gerelateerde)fondsen. In de loop van de procedure is komen vast te staan dat gedaagde al geruime tijd niet meer werkzaam is in de betreffende branche, zodat de fondsen een bedrag zullen moeten terugbetalen aan gedaagde. Eiseressen wijzigen hun eis naar de vaststelling dat zij terecht kosten hebben gemaakt. Deze verklaringen voor recht zijn volgens de kantonrechter toewijsbaar, nu eiseressen voor hun informatie/berekeningen afhankelijk zijn van de input van gedaagde. Niet is gebleken dat zij eerder ervan op de hoogte waren dat gedaagde niet meer onder de reikwijdte van de fondsen viel. 27-12-2023
- Rechtbank Rotterdam Arbeidsgeschil tussen werkgever en in België woonachtige werknemers. Werkgever die ervoor kiest geen gang te maken naar Belgische rechter (woonplaats werknemer) heeft bewust opgezegd in strijd met de wet. De werkgever is aan werknemer onder meer een billijke vergoeding van € 470.000 verschuldigd. De kantonrechter overweegt daartoe dat de fictieve resterende duur van de arbeidsovereenkomst tot aan werknemers pensioen zou zijn geweest. Daarbij is rekening gehouden met een pensioenschade van € 222.395. 22-12-2023
- Rechtbank Den Haag De rechtbank beoordeelt een echtscheidingsverzoek met diverse nevenvoorzieningen. De man heeft de Nederlandse nationaliteit, de vrouw is Brits burger. Ze hebben drie kinderen. Eerder zijn voorlopige voorzieningen getroffen. De rechtbank oordeelt dat de gewoonlijke verblijfplaats Nederland is, zodat zij bevoegd is. Nederlands recht wordt toegepast op het echtscheidingsverzoek. De rechtbank oordeelt verder dat de vrouw onder voorwaarden in de echtelijke woning mag blijven wonen en op welke tijden de kinderen bij de man en de vrouw zullen zijn. Tot 1 september 2021 is het Engelse huwelijksvermogenregime van toepassing, daarna het Nederlandse. De rechtbank bepaalt in het kader van de vermogensrechtelijke afwikkeling tussen partijen wat aan de man en wat aan de vrouw toekomt. De vrouw heeft verzocht te bepalen dat de pensioenen in Engeland bij helfte worden verdeeld. De man heeft verzocht te bepalen dat iedere partij zijn eigen in Engeland opgebouwde pensioen behoudt zonder nadere verrekening. De rechtbank kan op grond van de overgelegde informatie niet vaststellen op welke wijze de pensioenen voor verevening in aanmerking komen en wijst de verzoeken af. 21-12-2023
- Rechtbank Gelderland Geschil over de vraag of de korting van het nabestaandenpensioen wegens een groot leeftijdsverschil verboden onderscheid naar geslacht oplevert. De commissie van beroep van PFZW oordeelde in een bindend advies van niet. De kortingsregeling levert in beginsel indirect onderscheid wegens geslacht op. De kantonrechter oordeelt dat eiseres geen rechten kan ontlenen aan de wettelijke gelijkebehandelingsvoorschriften omdat de opbouw van het weduwenpensioen heeft plaatsgevonden vóór 17 mei 1990. Het Barber-arrest en het Ten Oever-arrest hebben geleid tot Richtlijn 96/97/EG en tot nader bepaald overgangsrecht met betrekking tot de Wet gelijke behandeling. Hieruit volgt dat de Europese regelgeving over gelijke beloning niet van toepassing is op pensioenuitkeringen die zijn opgebouwd in verband met arbeid die is verricht vóór 17 mei 1990, omdat die pensioenen niet als beloning in de zin van de Europese regelgeving ter zake van gelijke behandeling worden beschouwd. 20-12-2023
- Rechtbank Rotterdam Werkneemster werkt sinds 10 november 2022 bij werkgever als administratief medewerkster. Partijen hadden een affectieve relatie. In de arbeidsovereenkomst is bepaald dat werkneemster onder de verplichte pensioenregeling van Bpf BOUW valt. Werkgever heeft vanaf aanvang arbeidsovereenkomst geen loon betaald en geen pensioenpremies afgedragen. De kantonrechter veroordeelt werkgever bij verstek tot betaling van achterstallig loon, achterstallige pensioenpremies, de transitievergoeding en een billijke vergoeding van € 5.000. 19-12-2023
- Rechtbank Midden-Nederland Geschil over ontslag van een statutair directeur van een participatiemaatschappij. De kantonrechter oordeelt dat het ontslag onterecht is gegeven en kent de werknemer een billijke vergoeding toe van € 19.000 en pensioenschade van € 5.500. 10-11-2023
- Rechtbank Den Haag Geschil tussen werkgever en werknemer. De kantonrechter ontbindt de arbeidsovereenkomst op verzoek van werknemer, nadat werkgever zijn ontbindingsverzoek na de mondelinge behandeling heeft ingetrokken. Werkgever heeft ernstig verwijtbaar gehandeld volgens de kantonrechter. Deze kent een transitievergoeding toe, alsmede een billijke vergoeding inclusief pensioenschade van één jaar. Daarnaast wordt werkgever veroordeeld tot betaling van de werkelijke proceskosten. 08-11-2023
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant Werkgever ontslaat werkneemster op staande voet omdat zij in de periode april t/m juni 2023 niet wil werken. De kantonrechter oordeelt dat geen sprake is van een dringende reden voor ontslag op staande voet. Voor werkneemster gold als verworven recht dat zij ieder jaar in de maanden april tot en met juni onbetaald verlof mocht opnemen in verband met de aspergekwekerij in haar familiebedrijf. De kantonrechter is van oordeel dat werkgever de verlofaanvraag van werkneemster niet kon weigeren. Vast staat dat werkneemster al begin jaren negentig van de vorige eeuw het onbetaald verlof heeft mogen opnemen en ook dat in latere jaren dat verlof is toegewezen. Het niet komen werken levert aldus geen werkweigering op. De kantonrechter wijst de transitievergoeding toe. Geen billijke vergoeding omdat zonder ontslag het dienstverband waarschijnlijk door pensionering was geëindigd en er dan geen transitievergoeding zou zijn. 07-11-2023
Antillen
- Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba Geschil over ontslag op staande voet van werknemer bij restaurant in Aruba. Het gerecht oordeelt dat er geen dringende reden is voor ontslag op staande voet. Vanaf moment dat werknemer beschikbaar was voor arbeid wordt het loon doorbetaald. De gevraagde pensioenvoorziening bij Guardian Group wordt afgewezen. Dat laat onverlet de verplichting om een pensioenvoorziening te treffen. 09-01-2024
- Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba Geschil over ontslag op staande voet van Arubaanse tegelzetter. Het gerecht oordeelt dat er geen dringende reden is voor ontslag op staande voet en veroordeelt werkgever tot loondoorbetaling. De vordering om aan werknemer de maandelijkse pensioenpremies vanaf 3 maart 2013 te betalen wordt afgewezen, nu op grond van de Landsverordening algemeen pensioen geen verplichting op werkgever rust om ingehouden pensioenpremies aan werknemer te betalen. Werkgever moet pensioenpremies afdragen aan de pensioenuitvoerder 09-01-2024