Naar boven ↑

Update

Nummer 5, 2021
Uitspraken van 17-06-2021 tot 30-06-2021
Redactie: Prof. mr. drs. M. Heemskerk.

Beste lezers,

Welkom bij Pensioenrecht Updates, jaargang 4, editie 5. Daarin vindt u een overzicht van negentien in mei 2021 gepubliceerde uitspraken over pensioen.

U kunt hier klikken om de pdf vanaf de website te downloaden.

Pensioenrechtspraak voor u geselecteerd
In de Pensioenrecht Updates vindt u een selectie van de belangrijkste rechtspraak over de arbeidsvoorwaarde pensioen. Op die manier bent u altijd op de hoogte van relevante rechtspraak over pensioen.

Uitspraken van de maand  

HvJ EU: discriminatie naar geslacht is vergelijking m/v, niet vrouwen onderling (PR 2021-0110)
Het Hof van Justitie EU oordeelt dat bij ongelijke behandeling naar geslacht vrouwen met mannen moeten worden vergeleken. Deze Spaanse zaak ging over een vrouw die na vervroegd pensioen geen socialezekerheidspensioentoeslag kreeg. Vrouwen die op de wettelijke pensioenleeftijd met pensioen gingen, kregen wel zo’n toeslag. Het Hof van Justitie EU oordeelt dat ongelijke behandeling tussen vrouwen niet valt onder gelijke behandeling man-vrouw. Het begrip ‘discriminatie op grond van geslacht’ in artikel 4 lid 1 Richtlijn 79/7/EEG kan alleen betrekking hebben op gevallen van discriminatie tussen mannelijke en vrouwelijke werknemers (ECLI:EU:C:2021:381). Hoewel deze zaak ging over de wettelijke sociale zekerheid lijkt de vergelijkingsmaatstaf relevant voor  tweede pijler pensioenzaken over gelijke behandeling.  

HR: bestuurder ondanks melding betalingsonmacht hoofdelijk aansprakelijk (PR 2021-0093)
Een bestuurder kan ondanks een tijdige melding betalingsonmacht hoofdelijk aansprakelijk zijn voor niet aan het bedrijfstakpensioenfonds afgedragen pensioenpremies. Eerder oordeelde de Hoge Raad dat na tijdige melding van betalingsonmacht zo’n mededeling niet opnieuw hoefde, zolang sprake bleef van een betalingsachterstand (ECLI:NL:HR:2017:3019). Na terugverwijzing had het hof geoordeeld dat de bestuurder wegens kennelijk onredelijk bestuur aansprakelijk was. In cassatie betoogde de bestuurder dat dit niet geldig was omdat dit niet binnen drie jaar na de melding van betalingsonmacht was (art. 23 lid 3 Wet Bpf 2000). De Hoge Raad verwerpt dat beroep. Is een mededeling van betalingsonmacht gedaan en duurt de betalingsachterstand voort, dan kan de aansprakelijkheid van een bestuurder ook berusten op aan die bestuurder te wijten kennelijk onbehoorlijk bestuur dat heeft plaatsgevonden na het tijdstip van de mededeling. De termijn van drie jaar van artikel 23 lid 3 Wet Bpf 2000 wordt dan berekend naar het moment dat de mededeling zou hebben moeten plaatsvinden. Daarom kan de bestuurder aansprakelijk zijn (ECLI:NL:HR:2021:754).

Een pannenkoek is geen koek; werkgever valt niet onder werkingssfeer (PR 2021-0102)
Kern van de zaak is of een werkgever onder de werkingssfeer van het Bpf Zoetwaren valt. In de wandelgangen wordt dat wel het pensioenfonds Koek & Snoep genoemd. Uitgelegd moet worden of een pannenkoek een koek is. Het hof oordeelt uiteindelijk dat een pannenkoek geen koek is. Dat doet het hof mede aan de hand van meerdere ingebrachte opinies van hoogleraren taal- en letterkunde en interviews die aangeven dat een pannenkoek niet wordt gezien als een koek. Een pannenkoek is een maaltijd en een koek een tussendoortje. Hoe dan ook, het hof gaat ervan uit dat naar algemene maatschappelijke opvattingen een pannenkoek geen koek is (ECLI:NL:GHDHA:2021:832).

Door werkgever afgemelde werknemer heeft toch recht op pensioen jegens Bpf (PR 2021-0106)
Werknemer vordert pensioen van Bpf Meubel over de periode 1996-2015. Het Bpf stelt dat de werknemer in 1996 in dienst is getreden bij de holding van het concern. Daarop is de verplichtstelling niet van toepassing. Het hof oordeelt dat van een wijziging van werkgeverschap niet blijkt. Dat is pas gebeurd in 2015 met ondertekening van een nieuwe arbeidsovereenkomst met de holding. Ondanks uitdienstmelding door werkgever bij het bedrijfstakpensioenfonds per 31 december 1994, is werknemer tot medio 2015 bij aangesloten werkgever in dienst gebleven. Het hof wijst de vordering tot toekenning van pensioen over de jaren 1996-2015 daarom toe. De reconventionele vordering van het Bpf strekkende tot veroordeling van werknemer tot premiebetaling wijst het hof af (ECLI:NL:GHAMS:2021:1006).

Uitspraken, vragen of opmerkingen zijn welkom
De redactie ontvangt graag niet op rechtspraak.nl gepubliceerde uitspraken en vragen of opmerkingen over deze nieuwsbrief. U kunt mailen naar pr-updates@budh.nl.

Tot de volgende update.

Mark Heemskerk

Hoogleraar pensioenrecht Radboud Universiteit Nijmegen
Advocaat-partner held (www.heldlaw.nl)
Raadsheer-plaatsvervanger Hof Den Bosch

e-mail: mark@heldlaw.nl / m.heemskerk@jur.ru.nl

Hof van Justitie van de Europese Unie

Hoge Raad

Hof

Rechtbank

Centrale Raad van Beroep

Antillen